Een zoutloos compromis (column BNR 8 juli)

Twee weken geleden publiceerde de commissie “structuur Nederlandse banken”, onder voorzitterschap van Wijffels, haar langverwachte rapport. Ik heb er enige tijd over heen laten gaan om niet ‘uit de heup’ te reageren. Maar ook na een flinke bezinningstijd ben ik teleurgesteld in het rapport. Wellicht had ik te veel verwacht en moet ik  mij realiseren dat met z’n grote werkgroep, maar liefst 13 mensen waren uitgenodigd, een zoutloos compromis het beste resultaat zou zijn.

Het rapport spaart de banken en dan met name de grootbanken. Het meest concrete nieuwe voorstel is, ik weet dat ik enigszins chargeer, dat huizenkopers voortaan 20% eigen geld moeten meenemen. Een goed voorstel hoor, maar je kunt het toch geen vergezicht op de structuur van het bankwezen noemen. Het is een voorstel dat de banken goed uitkomt, dat wel. Wat ík echter zeer concreet gemist heb is dat banken meer eigen vermogen moeten gaan aanhouden. Opschrijven dat een ‘leverage ratio’ van 3% ‘te laag’ is, is een slappe en ongevaarlijke uitspraak. Waarom geen duidelijk percentage noemen van bijvoorbeeld 10%, zoals het Sustainable Finance Lab voorstelt, nota bene de eigen denktank van Wijffels. Ik heb mij geërgerd aan commissielid Boot, die dat op de radio wél klip en klaar zegt, maar vaststelt dat de bankenlobby te sterk was om dit in het rapport te krijgen. Waarom is Boot dan niet uit de commissie gestapt? Dat had de zaak op  scherp gezet.

Een echt vergezicht zou ook moeten gaan over de structuur van de activazijde van de bankbalansen. Er is niet te weinig krediet, het krediet is alleen eenzijdig terecht gekomen in de financiering van woninghypotheken. Niet raar als de overheid zich garant stelt. En dan voorstellen dat er een Nationaal Hypotheek Instituut moet komen? Wéér de overheid als achtervanger? Waarom geen pleidooi om gespecialiseerde hypotheekbanken op te richten. Dan kunnen de universele banken zich richten op de financiering van bedrijven.

Maar het échte vergezicht zou moeten gaan over hoe wij in Nederland meer concurrentie krijgen en dan komt de commissie niet verder dan dat staatsbanken weer privaat moeten worden en dat de kopers buitenlandse banken zouden moeten zijn. Geen woord over het grootbank-fetisjisme van DNB en het Ministerie van Financiën. Geen woord over de hoge drempels die toezichthouders opwerpen om een nieuwe financiële instelling in Nederland op te starten. Peter Blom van de Triodos bank schreef het onlangs goed op in het Financiële Dagblad: “door strenge regelgeving dreigt in de bancaire sector een verstikkende monocultuur te ontstaan”.

Bange bankiers trekken zich terug achter de dijken. De geschiedenis leert dat dat een recept voor stagnatie is.

 

 

 

 

 

 

 

 

Lees ook:De zure druiven van Barnier (column BNR 3 februari 2014)
Lees ook:Wie gaat verzekeraars aanspreken op gedrag (column BNR 7 maart 2014)
Lees ook:“het rapport” is uit, maar wat moeten we ermee?
Lees ook:DGA constructie bij bank is in principe helemaal niet slecht
Lees ook:Woutertje moest hangen

Eén reactie op “Een zoutloos compromis (column BNR 8 juli)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Naam

Website

Het kan vijf minuten duren voordat nieuwe reacties zichtbaar zijn.