Categorie: "jaar 2013"

Fitch doet onbehoorlijke chantagepoging

We hebben lange tijd niets van ze gehoord en dat vond ik best. Ze hadden zich na het debacle van de krediet-en bankencrisis teruggetrokken onder een hele grote zware steen en leefden een teruggetrokken leven, vervuld van schaamte. Maar ze zijn terug en wat blijkt, ze hebben niets geleerd van hun verplichte ballingschap in de krochten van het financiële systeem. Over wie ik het heb? De kredietbeoordelaars.

Kredietbeoordelaars hebben maar één taak: het risico bepalen dat een schuld, en dat zijn bij de kredietbeoordelaars obligaties, niet wordt terugbetaald door een bedrijf of overheid. Dat doen zij om beleggers in obligaties te helpen bij nemen van beslissingen. Dat zij betaald worden door de bedrijven die die obligaties uitgeven, het perverse beloningssysteem, dat nemen we dan maar voor lief. Het gaat nu om iets anders.

Want één van die kredietbeoordelaars, in dit geval Fitch, heeft ons een geheel nieuwe kijk op haar kernactiviteit gegeven. Een obligatielening krijgt een rating omdat er een kleine of grote kans bestaat dat de obligatie niet wordt terugbetaald. Daar wordt vervolgens de rentevergoeding op afgestemd. Meer risico, hogere rente. Even concreet: als SNS Reaal in 2010 6,25% rente geeft voor een 10 jarige obligatielening, dan is die relatief hoge rente een indicatie dat terugbetaling in 2020 niet 100% zeker is.

Maar niet voor kredietbeoordelaar Fitch. Ik citeer maar even het hoofd ratings Europese banken “als een belangrijk land in Europa de gewone obligaties van een probleembank afstempelt, betekent dat een totale wijziging van hoe wij naar banken kijken”. Aha, een bedrijf dat als hoofdactiviteit heeft om obligatierisico’s te beoordelen, ging er vanuit dat bankobligaties altijd worden terugbetaald, hoe hoog de coupon ook is. Ze zeggen het niet, maar bedoelen het wel zo: ‘daar hebben we de belastingbetaler toch voor’. Je ziet het die topman van Fitch zeggen ‘zijn ze nou helemaal gek geworden, als obligaties niet terugbetaald gaan worden, dan moeten we straks nog echt gaan werken voor onze riante salarissen”. Het is mij een raadsel waarom Fitch dan een paar maanden geleden de rating van SNS Reaal heeft verlaagd, sterker nog, waarom ze überhaupt nog ratings afgeven, gewoon alles ‘triple A’, lekker gemakkelijk.

Maar Fitch gaat nog een stapje verder en trekt een hele grote broek aan. Als Nederland bankobligaties gaan afstempelen, dan gaan we de ratings van alle Europese banken omlaag brengen en dat kan ze wel 300 miljard kosten. Hoe dat heet? Chantage. Minister Dijsselbloem leek gisteren de de Tweede Kamer uiterlijk onbewogen onder deze zware druk. Hij herhaalde nogmaals dat het uitgangspunt is dat obligatiehouders niet worden ontzien. Goed zo, houdt de rug recht.

Fitch overschat zichzelf. Haar eigen kredietwaardigheid ligt een stuk lager. Ik vermoed dat grote obligatiebeleggers al lang rekening houden met risico’s van afstempelen. En ook dat dit per bank verschillend zal zijn. In Spanje hebben de financiële markten het geaccepteerd. En in dit rapport van BNP Paribas over SNS Reaal worden de verschillende scenario’s beschreven met de mogelijke gevolgen voor obligatiehouders.

Dijsselbloem had het over denkfouten in de reactie van Fitch. Het is zeer vriendelijk van de Minister dat hij nog vermoedt dat er wordt gedacht bij kredietbeoordelaars.

Heimwee naar de VOC-tijd

In het programma Debat op 2 van 16 januari 2013 mochten een aantal Nederlanders, die niet op de ‘graailijst‘ van semi-overheidsfuncties voorkomen in debat gaan met personen die wél op die lijst staan. Het gaf weer zeer ongemakkelijke televisie. En dan heb ik het niet over de vraag of semi-overheidsfunctionarissen meer of minder mogen verdienen dan de Minister-President. Ik ben het met Jort Kelder eens: “if you pay peanuts, you get monkeys”. Mij irriteert de onder het oppervlak sluimerende opvatting dat de norm zou moeten zijn dat iedereen hetzelfde moet verdienen, ook al dragen sommigen overduidelijk meer verantwoordelijkheid. Het werd pijnlijk geïllustreerd door een mevrouw die met bijna overslaande stem riep dat de leraren óók heel hard werken en dat daardoor de Hogeschooldirectrice 50% salaris moet inleveren (zie hier op 11:40).

Nederland wordt een land zonder zout in de soep. Afgunst is de nieuwe norm geworden. Het is bon ton geworden dat je alleen nog maar mag zeggen dat werken een ideaal is, dat de geldelijke beloning geen stimulans is. Ik geloof er niets van. Natuurlijk, leuk werk is belangrijk, maar het salaris is minstens zo belangrijk. En als je harder werkt en een betere prestatie levert, dan wil je b eter betaald worden.

Deze week was er weer ophef over de hoogste baas van ASML, Meurice, die wat aandelen en opties had verkocht en daar 10 miljoen aan overhield. Buitenproportioneel, kraaide het FNV Bondgenoten. Het deed mij denken aan de affaire Hommen (ING). Je houdt het niet voor mogelijk. Meurice houdt zich nota bene keurig aan de de ‘Nederlandse Corporate Governance code‘; hij hield zijn aandelen zelfs veel langer vast dan verplicht en verkoopt ze dan om hem moverende redenen na 9 jaar (per jaar is het bedrag aanzienlijk minder, dus de vergelijking in de Volkskrant is van het bekende appels/peren niveau) en krijgt een bak maatschappelijke ophef over zich heen. Dat niet alleen hij, maar het hele personeel meeprofiteert (er wordt  64,5 mio verdeeld onder de 6547 medewerkers, dat is 18% van hun jaar­salaris), wordt onder het tapijt geschoven, dat past niet in wereldbeeld van de vakbonden. Waar het om gaat is dat ASML een privaat bedrijf is; de stakeholders (commissarissen, aandeelhouders, bestuurders, werknemers) bepalen daar het beloningsbeleid. Meurice loopt risico en mag daarvoor beloond worden en als de stakeholders vinden dat 140 modaal OK is omdat ASML een unieke positie op een wereldmarkt heeft en het erg goed doet, dan hebben we dat te accepteren.

En onmiddellijk gaat de discussie in Nederland weer over vaste versus variabele salarissen *zucht*. Kilian, the bonus is the evil hand of the devil, Wawoe, kom er maar in. Ik vind de variabele beloning een uitstekend instrument. Om twee redenen: (1) Het vormt een beschermende, meedeinende laag rondom een onderneming. Gaat het slecht, dan dalen de loonkosten en andersom. Minder variabel betekent gewoon hogere vaste salarissen (en dan gaat ook het pensioen omhoog); (2) Het is een mooie manier om werknemers die net een beetje harder willen lopen dan de anderen, daarvoor te belonen (natuurlijk: met de juiste niet-perverse criteria en ‘claw back’ clausules).

Je gaat bijna weer terug verlangen naar die Gouden Eeuw periode. Naar Gabriel Marselis. Die VOC-man had er geen moeite om toe te geven dat het ging om geld verdienen (zie hier: op 19:02).

 

pensioen perikelen

Sombere tijden voor de publieke omroep. In 2015 moet er 200 miljoen ingeleverd worden. Daar blijft het niet bij. Vanaf 2015 gaat het budget met 50 miljoen omlaag en in 2017 nog eens 100 miljoen. Crisis dus. Dat wordt ontslag en demotie, want ook dat taboe wordt nu in rap tempo geslecht. Hoewel niet voor iedereen, want bij de gedetailleerde lijst met functies bij de (semi) overheid die méér dan de ‘balkenende-norm’ verdienen, staan ook wat grootverdieners uit de omroepwereld.

En de rampspoed houdt niet op, want ook het Pensioenfonds voor de Media (PNO media) gaat in februari 2013 wat vervelende brieven versturen. Gelukkig worden de drie VARA-corifeeën die op de grootverdienerslijst staan, daar niet door getroffen. Zij zitten blijkbaar niet in het pensioenfonds. Want als je het slim speelt in omroepland, dan ben je met je eigen BV in dienst.

Is het erg gesteld met het Pensioenfonds voor de Media? Ja en het is illustratief voor een flink deel van pensioensector. De dekkingsgraad van PNO Media was eind oktober 2012 93,7%. Dat wordt afstempelen inleveren. Per 1 april 2013 met 5,9% en als eind 2013 niet de vereiste 104,5% is behaald, dan gaat het pensioen verder omlaag.

Dat weerhoudt de directeur van het pensioenfonds, Leo Witkamp,  niet een flink deel van zijn tijd te steken in lobbywerk voor die pensioensector. Zijn belangrijkste boodschap: “het gaat nu even wat minder, maar vertrouw ons nu maar, het komt allemaal weer goed”. Datzelfde piept X.den Uyl, vicevoorzitter ABP, het grootste pensioenfonds van Nederland (2,8 miljoen deelnemers).

Volgens PNO Media is de slechte performance te wijten van de crisis. Zal best, maar de pensioenfondsen hebben via de introductie van een fantasie wetenschappelijk vastgestelde nieuwe rekenrente hun dekkingsgraad netjes weten op te poetsen. PNO Media met maar liefst 3,5%. Het werkelijke probleem is dat mensen veel langer leven en dat daarvoor veel te weinig betaald is. Sterker nog, in de jaren ’90 zijn de fondsen door vakbonden en werkgevers vakkundig geplunderd (polderen he!).

Niet alleen bij PNO Media en ABP  zijn de problemen groot. Het Financieele Dagblad plaatste in de krant van 28 december een lijst met de 60 grootste probleemfondsen en de bijbehorende korting op de pensioenen. Ik had er ook graag de stijging van de aangekondigde pensioenpremies bij gezien, want dat is ook niet mis. Het ABP, het grootste fonds van Nederland met 2,8 miljoen deelnemers, verhoogt de premie van 24,1% naar 25,4% (de premie was in 2012 al met 3,2% verhoogd).

Ook zou een deelnemer die gedwongen zijn salaris deponeert in de vergaarbak van het pensioenfonds eens moeten vragen naar de reële dekkingsgraad (d.w.z in koopkracht gerekend). Ik heb het maar even gedaan voor mijn eigen pensioenfonds. Het RABO pensioenfonds is een fonds dat niet in de gevarenzone zit; de nominale dekkingsgraad was eind 2011 (geen recenter cijfer helaas) maar liefst 115,7%. De reële dekkingsgraad was slechts 64,4%   M.a.w zelfs dit sterke fonds heeft nu niet genoeg geld in kas om mijn pensioen op peil te houden als onze overheid de inflatie aanjaagt om haar problemen op te lossen. Hoe denkt u dat de ‘onderwater-pensioenfondsen’ er dan voor staan?

Ondertussen timmeren de ‘eigenaren’ van het Pensioenfonds voor de Media aan de weg met allerlei programma’s over het pensioen. Kijk hier naar Knevel met de vijfde dag , waarin een woordvoerder van de partij 50+, net als hun voorman in Pauw &Witteman, het ABP na-papagaait en alle problemen bagatelliseert om verder korten te voorkomen.